<p>Memling, de Vlaamse renaissance in de stallen van de Quirinale in Rome</p>

Memling, de Vlaamse renaissance in de stallen van de Quirinale in Rome

821414496165

Een ambitieus initiatief is onderweg naar de Quirinal Stables in Rome, waar tot 18 januari 2015, voor de eerste keer, het Italiaanse publiek de mogelijkheid krijgt om Hans Memling te ontdekken: de kunstenaar die in de tweede helft van de vijftiende eeuw de meest belangrijke schilder werd van Brugge - het financiële hart van Vlaanderen en een belangrijk Vlaams kunst centrum - en die vele Italiaanse kunstenaars  beinvloedde zoals Leonardo en Rafaël.

Memling was Rogier van der Weyden's assistent tot 1464, het jaar waarin deze laatste stierf. Bij de eerste belangrijke opdrachten die hij kreeg zien we namen van toonaangevende opdrachtgevers zoals de abt Jan Crabbe van de abdij van Ter Duinen, de bisschop Ferry de Clugny of Angelo Tani, vertegenwoordiger van de Medici bank in Brugge. Angelo Tani introduceerde Memling aan Tommaso Portinari, die hem de opdracht gaf voor een aanbiddings triptiek en een Passie van Christus. Vanaf dat moment kreeg Memling bekendheid bij andere lieden binnen de kring van Italiaanse kooplieden in Brugge en werd aldus de meest gevierde portetschilder. Hij bracht tevens een revolutie teweeg binnen de portretschilderkunst door het toevoegen van achtergronden aan zijn portretten.

Een monografie zoals deze werd nooit eerder verwezenlijkt in Italië; het is daarom voor het eerst dat een tentoonstelling de artistieke kwalitieten van deze hoofdpersoon van de Vlaamse renaissance in de schijnwerpers zet door ieder aspect van zijn werk te behandelen. Van monumentale altaarstukken en kleine draagbare aanbiddingstriptiekjes tot wereldberoemde portretten, een genre wat Memling geperfectioneerd heeft en wat een hevige aantrekkingskracht bewerkstelligde op onder andere talloze Italiaanse kunstenaars uit het begin van de zestiende eeuw.

De tentoonstelling diept tevens de verschillende vormen van het mecenaat uit, wat de motor vormde voor de carrière van de kunstenaar. Memling werd namelijk, meer dan zijn tijdsgenoten, de meest geliefde schilder op de kunstmarkt en van de Italiaanse vertegenwoordigers in Brugge en werd daardoor automatisch op elk vlak de erfgenaam van de Vlaamse meesters, van het kaliber van Rogier van der Weyden en Jan Van Eyck. Het gaat hier om twee namen die als zeer belangrijk golden voor de Italiaanse adellijken. Het lukte Memling varbazigwekkend goed om op hen te evenaren, zowel in succes als in resultaat.

Met de expositie is het mogelijk om meesterwerken van religiëuze kunst te bewonderen die afkomstig zijn uit de meest belangrijke musea ter wereld, zoals het  PagagnottiTriptiek, het Jan Crabbe Triptiek en het monumentale Tritptiek van de famile Moreel; maar ook een magnifieke serie portretten zoals het Portret van een jeugdig iemand, het Portret van een man en het schitterende Portret van een man met een Romeinse munt. In de hele expositie is de diepgaande verbintenis duidelijk van de kunstenaar met Italië en met Italiaanse kunstenaars, net zo als het impact wat zijn schilderkunst had op de lokale kunstproductie van zowel Venezia als van Firenze.

Onder de meesterwerken van de tentoonstelling springt het Tritptiek van het Laatste Oordeel  eruit, wat afkomstig is uit het Nationale Museum van Danzig en wat gemaakt werd voor de kapel toegewijd aan de Heilige Michaël in de Badia Fiesolana in Florence, waar het echter nooit terecht kwam. Slechts nu, haast 600 jaar later raakt het meest beroemde werk van Memling voor het eerst de Italiaanse bodem.